Spring maar achterop

Millie in de supermarkt

door Elif Saglam

Millie wordt vandaag twaalf jaar en ze mag een grote fuif geven voor al haar vriendjes en vriendinnetjes in groep 8. ‘Leuk’, zou je denken, maar niet als je veganistische hapjes wilt serveren en net op dat moment de natuurvoedingszaak gaat verbouwen. “Wat moet ik nou”, zucht Millie tegen haar vriendinnetje Rosalie. “We kunnen net zo goed naar huis toe gaan, want hier vinden we toch niets.” Rosalie denkt diep na maar ook zij weet geen oplossing. Ze had Millie graag geholpen, maar in het kleine buurtsupermarktje kom je als veganist niet verder dan een bosje radijsjes en wat worteltjes. Met hangende schouders gaan de meiden daarom maar naar huis. “Wat een pech”, zucht Millie terwijl ze met moeite haar tranen probeert te bedwingen. De uitnodigingen zijn gisteren al op de post gegaan en iedereen zou komen. Juist van Millie verwachten ze een spetterend feest met allerlei aparte hapjes. Zal dat even tegenvallen…

Mama zit gezellig met oma aan tafel te kletsen als Millie met een gezicht als een donderwolk binnenstapt. “Het is ook helemaal niet leuk om veganist te zijn!”, roept ze en meteen beginnen de lang opgehouden tranen te stromen. Rosalie heeft ze maar naar huis gestuurd. Want een feestje zal er toch wel niet meer van komen.

Mama snapt er niets van en kijkt Millie stomverbaasd aan. “Wat is er toch?”, vraagt ze. Maar verder komt ze niet, want Millie is ontzettend kwaad op haar. En op de natuurvoedingszaak. Maar eigenlijk vooral ook op zichzelf, omdat ze zo heeft lopen opscheppen over haar feestje…

Ze ploft op een stoel neer en pas nadat haar moeder en haar oma zeker vijf minuten hebben gezeurd, komt het verhaal er met horten en stoten uit. En alsof het allemaal al niet erg genoeg is beginnen haar oma en haar moeder allebei te lachen. “We hebben al een oplossing voor je probleem!”, roepen ze in koor. “Oma zou eigenlijk een heel groot feest geven bij haar thuis maar dat gaat niet door. Nu kan jij best haar hapjes en drankjes lenen. Dan heb je tenminste íets.”

Millie zucht. Nou ja, een ‘bejaardenfeestje’ is inderdaad nog beter dan geen feestje en ach, ze hoeft er zelf gelukkig niets meer voor te doen. Met nog steeds een zuur gezicht gaat ze naar het huis van haar oma toe. Daar aangekomen wil ze eigenlijk meteen al haar vriendjes en vriendinnetjes bellen om te zeggen dat het feestje bij haar oma thuis is. Bij haar oma thuis, stel je voor! Ergens moet Millie er toch ook wel een beetje om lachen.

Maar als ze bij oma binnen komt, vergaat het lachen haar snel. Daar zitten zeker vijf bejaarden die het toch allemaal wel erg sneu voor haar oma vonden dat het feestje niet door kon gaan en toch maar zijn gekomen. Millie ziet haar feestje al helemaal in het water vallen en loopt gefrustreerd naar haar lievelingsplekje bij oma, de garage. Daar aangekomen krijgt ze de schrik van haar leven. De hele garage is versierd en al haar vriendjes en vriendinnetjes zijn er al. Wat blijkt: de bejaarden kwamen helemaal niet voor haar oma, maar hadden samen met haar klasgenootjes de garage versierd. En alle hapjes gemaakt. Veganistische hapjes van de natuurvoedingszaak. Want de meneer van de natuurvoedingszaak ging niet zijn eigen winkel, maar oma`s garage verbouwen……