Een nieuwe studie haalde in de Nederlandse media koppen als Veganisten hebben meer kans op botbreuken. Een onoplettende lezer zou denken dat dierlijke ingrediënten nodig zijn voor goede botten en weinig breuken. Maar dát zit anders.

Wat is er onderzocht?

In het onderzoek van het EPIC-Oxford-team werden 55.000 volwassenen gedurende 17 jaar gevolgd, waaronder 1982 veganisten. Daarbij werd gekeken naar het aantal botbreuken in relatie tot het dieet dat ze volgden. Het gaat om een cohortonderzoek. Een cohortonderzoek is een studie naar veranderingen over lange termijn bij een grote groep mensen (een populatie). Voedingsstudies zoals deze nemen wel waar wat er verandert, maar kunnen niet vaststellen wat de oorzaak is. Wel werd rekening gehouden met veel factoren zoals armoede, etnische achtergrond, fysieke activiteit, rookgedrag, gebruik van alcohol, supplementen, lengte, en bij vrouwen de menopauzale status en het gebruik van hormoonsubstitutietherapie.

Wat waren de resultaten?

Uit het Britse onderzoek kwam naar voren dat veganisten vaker een bot breken dan mensen die dieren eten, en voornamelijk de heup. Vergeleken met mensen die vlees eten lag het risico op een gebroken heup 131% hoger bij veganisten. Veganisten hadden in totaal 43% meer botbreuken dan vleeseters. Er was geen hoger risico op pols- of enkelbreuken.

Geen duidelijke oorzaak

De studie kon niet duidelijk maken of dit komt door de eetgewoonten of andere oorzaken, zoals door meer te sporten of het hebben van een lagere vetmassa wat zorgt voor minder bescherming voor de botten bij een val. De onderzoekers ontdekten wel dat als ze rekening hielden met de eiwit- en calciuminname, de verschillen ongeveer hetzelfde waren.

Rol van een lagere BMI

Eerder onderzoek toonde aan dat mensen met meer vetmassa minder snel hun heup breken, omdat de vetlaag bescherming biedt tijdens een val. In de Britse studie kwam dit ook naar voren. Wanneer de onderzoekers de resultaten corrigeerden voor BMI (body mass index) bleek het verschil minder groot. Veganisten die een zeer lage BMI hadden, hadden een nog veel grotere kans op heupbreuken. De studie toonde ook aan dat veganisten meer sporten en over het algemeen minder zwaar zijn.

Rol van borstvoeding

Opvallend is dat de onderzoekers schrijven dat uit eerdere analyses binnen de reeks EPIC-Oxford-onderzoeken al bleek dat het aantal breuken bij vegan mannen niet hoger was, maar wel bij vegan vrouwen. Dat geeft te denken dat sekse een verschil maakt, maar wat? Eerder onderzoek toonde aan dat mensen die borstvoeding geven (na geboorte van een kind) 50% minder risico hebben op heupbreuken als gevolg van een herstelproces van de botten. Hoewel van de deelnemers aan het EPIC-Oxford onderzoek wel bekend was of ze een of meerdere kinderen hebben, hebben de onderzoekers de data hierop helaas niet gecorrigeerd. Het was erg interessant geweest om te zien wat daar uitkomt, aangezien de deelnemers aan het EPIC-Oxford zich vooral identificeerden als vrouw (77%), en dat de veganisten (met een baarmoeder) die deelnamen aan het onderzoek , de helft zo vaak een kind hadden (34,4% tegenover 75,2% van de vleeseters).

Conclusie

In deze studie hadden veganisten 43 procent meer kans op botbreuken, vooral van de heup. Uit dit onderzoek bleek dat de hogere kans op botbreuken niet verklaard kan worden door calcium en eiwitten en deels doordat veganisten vaker een lagere vetmassa hebben. Het is dus niet geheel duidelijk of de hogere kans op botbreuken komt door de veganistische eetgewoonten of door meer te sporten en de lagere vetmassa bij veganisten. Daarbij moet worden opgemerkt dat een lagere vetmassa ook gezondheidsvoordelen heeft, zoals een vermindering in het risico op hart- en vaatziekten. Belangrijk is dat er meer onderzoek komt naar de oorzaak van botbreuken en de rol van andere voedingsstoffen zoals vitamine D, vitamine B12 en retinol. Ook is het belangrijk dat in onderzoeken rekening gehouden wordt met het feit dat veganisten minder vaak kinderen hebben, waardoor deze groep positieve effecten voor de botdichtheid als gevolg daarvan mist.

Het advies voor veganisten blijft ongewijzigd. Het blijft belangrijk om een volwaardig voedingspatroon aan te houden dat de aanbevolen hoeveelheden voedingsstoffen bevat.